Na Carcassonne is Dinan, in het noorden van Bretagne tussen Rennes (landinwaarts) en Saint-Malo (aan de kust) de best bewaarde vestingstad van Frankrijk. Omringd door bijna drie kilometer aan stadswallen uit de 13e eeuw, waarvan maar liefst veertien torens en vier monumentale poorten behouden zijn gebleven.

Je kunt hier kiezen uit het beste van twee werelden: de authentieke sfeer van het Bretonse stadje of de rust van de omringende natuur. Vanaf het hoogste punt van de stadwallen kijk je uit over de vallei van de Rance, een rivier van ruim honderd kilometer lang die uitmondt in de baai van Saint-Malo.
Vanuit Dinan is het nog geen uur rijden naar de ruige Bretonse kust. Voor een dagtripje bijvoorbeeld naar de bekende trekpleister Mont-Saint-Michel, oesterparadijs Cancale en vestingstad Saint-Malo.
Onverschrokken Bretonse ridder
We beginnen onze verkenning van Dinan met een blik op de stadsplattegrond op een bankje onder de bomen bij het imposante standbeeld van Bertrand du Guesclin. Deze onverschrokken Bretonse ridder ging in de veertiende eeuw voorop in de strijd tegen de Engelse overheersers. Zijn strijdlustige hart rust in de plaatselijke basiliek Saint-Sauveur.

Vanaf het plein wandel je zo de kasseienstraatjes in. Een blik op de straatnaamborden leert dat ze vaak zijn vernoemd naar oude beroepen en zo de historische reputatie van Dinan als belangrijke handelsstad levend houden. Maar ook vandaag de dag zijn hier nog veel ambachtelijke winkeltjes te ontdekken tussen de koffietentjes, barretjes en crêperies.
Vakwerkhuizen en klokkentoren
De goed bewaarde vakwerkhuizen doen vanzelf de pas vertragen – het compacte centrum van Dinan telt er ruim 130 ! Deze monumentale panden met hun uitstulpende houten veranda’s en erkers zijn gebouwd tussen de 15e en 18e eeuw. Daarna was houtskeletbouw niet meer toegestaan vanwege brandgevaar en aantasting van het hout door water.
Op de Rue d’Horloge wandel je langs nog zo’n iconisch baken van de oude stad. Vanaf de 45 meter hoge klokkentoren uit de 15e eeuw heb je een spectaculair uitzicht over Dinan en omgeving. De toren heeft een van de oudste uurwerkmechanismen van Europa.
Levendig jachthaventje
In het park Jardin Anglais, een voormalige begraafplaats achter de basiliek Saint-Saveur, heb je vanaf de stadmuren een fantastisch uitzicht over de jachthaven van Dinan, de riviervallei en het oude viaduct (zie foto bovenaan).
De steile en lange Rue du Jerzual vormt de verbinding tussen de bovenstad en de benedenstad. Hier wandel je onder de oude stadspoort door langs middeleeuwse huizen, ateliers en ambachtswinkeltjes naar de jachthaven. Een uitstekende plek voor een lunch op een van de terrasjes met uitzicht op dobberende bootjes en het oude viaduct.
Verdedigingsbolwerk

In Dinan is er veel te zien en te doen. Maar het centrum is compact, dus je eindigt je dag bijna altijd weer ‘om de hoek’ van waar je begon. Met het gevoel dat je een kleine tijdreis hebt gemaakt.
Fietsen langs de Rance
Vlak buiten Dinan kun je heerlijk fietsen en wandelen langs de rivier de Rance. Het natuurgebied op de oevers bestaat uit bossen en rotspartijen en is het thuis van veel vogelsoorten. Een aanrader is ook om een (elektrisch) boottochtje te maken over de Rance, bijvoorbeeld vanuit de jachthaven van Saint‑Samson‑sur‑Rance, ongeveer vijf kilometer stroomafwaarts. Of huur hier een e-supboard om heerlijk relaxed over het water te dobberen.

Serene rust in en rond de abdij

De abdij van Saint-Magliore in Léhon is ook zeker een bezoek waard. Vanuit Dinan wandel je in nog geen halfuurtje naar dit imposante middeleeuwse bouwwerk in romaans-gotische stijl aan de rivier de Rance. De omliggende tuinen en de nabijgelegen kasteelruïne maken de abdij tot een bijzonder sfeervolle en schilderachtige locatie op steenworp afstand van het stadsleven.
Uitwaaien op Cap Fréhel

Cap Fréhel is typisch zo’n plek waar je je één voelt met de elementen. Het schiereiland aan de Côte d’Emeraude ligt op ongeveer een uur rijden van Dinan. Vanaf de steile, roze zandstenen kliffen tot wel 70 meter hoog heb je een prachtig uitzicht over de zee en de grillige kustlijn. Een perfecte plek om te wandelen, fotograferen, vogels spotten of gewoon uit te waaien.
Fort La Latte
Vanaf de vuurtoren van Cap Fréhel voert een wandeling naar Fort La Latte, een van de bekendste kastelen van Bretagne uit de 14e eeuw. Een grillig pad, onderdeel van de GR34-wandelroute langs vrijwel de hele kustlijn van Bretagne, leidt je in een uur á anderhalf uur over zo’n 4,5 kilometer naar het imposante fort met uitzicht over de baai van Saint-Malo.

De ophaalbrug, muren en kerkers zijn goed bewaard gebleven, net als de middeleeuwse tuin, het labyrint en de kapel binnen de poorten. Het kasteel, ook bekend onder de naam La Roche Goyon, is privé-eigendom en wordt nog steeds bewoond. Vanwege de uitzonderlijke ligging op een rotspunt en de melodramatische sfeer maakte het voormalige kustverdedigingsfort furore in tal van films, zoals The Vikings uit 1957.
Schelpdiertraditie tussen eb en vloed
In Saint‑Jacut‑sur‑Mer, niet ver van Cap Fréhel, worden we ingewijd in de eeuwenoude Bretonse traditie pêche à pied, oftewel kokkels rapen. Gewapend met harkje en emmer begeven we ons bij laag tij op het strand. Het verschil tussen eb en vloed is nergens in Europa zo groot als hier en dat maakt het gebied tot een waar paradijs voor liefhebbers van kokkels, oesters en mosselen.
Wil jij dit prachtige Bretagne ook ontdekken?
Wij selecteerden een aantal mooie campings in de buurt van Dinan en Cap Fréhel. Maar er zijn natuurlijk nog veel meer campings te vinden in deze afwisselende Franse regio.
Deze reportage werd mede mogelijk gemaakt door eurostar.com













