ACSI FreeLife

Menu

3 x wandelen op de Veluwe

Drie keer een wandeling op de Veluwe is drie keer anders. We starten in de kleinste stad van de Benelux. Vervolgens maken we een wandeling door een spookbos vanuit het plaatsje Drie. Als afsluiter van dit avontuur door de Veluwe komen we oog in oog te staan met wilde wisenten.

Auteur
Sander Cox
Datum
ReactiesReageer
Havezathe Staverden

1. STAVERDEN: Kleinste stad van de Benelux

Staverden is de naam van het kleinste stadje van de Benelux. Het is in ieder geval ook de kleinste wandeling van deze drie. Maar dan wel eentje met regelmatig een hoogtepuntje. We lopen het landgoed van Staverden op. Met een handjevol huizen en een havezathe is deze piepkleine nederzetting de kleinste stad van de Benelux.

De plannen om hier een grote stad te maken ontstonden in de 13e eeuw en na 800 jaar kunnen we concluderen dat van dat plan niet veel terecht is gekomen. Gelukkig maar. Wat nu is gebleven is een sfeervol landgoed dat met passie wordt gerund door een legertje vrijwilligers. Een man met volle kruiwagen zegt vriendelijk gedag.

Botanisch paradijs

Staverden is een botanisch paradijs. Er groeien meer dan 20 plantensoorten die op de Rode Lijst van zeldzame en bedreigde planten voorkomen. In totaal komen meer dan 300 soorten voor op het landgoed en het omringende natuurgebied. En dan zijn er natuurlijk de mooie witte pauwen. Het landgoed was het hof van de Gelderse hertogen. Het landgoed werd in leen uitgegeven aan diverse adellijke families met de verplichting om de witte pauwenveren te leveren als versiering van de helm van de hertog.

Landgoed Staverden op de Veluwe bestaat uit een landhuis, een koetshuis, een oranjerie en een fraai aangelegd park.

Kleine wandeling groot avontuur

We volgen de Molenbeek en passeren de kraakheldere Staverdense Beek. Dan is het plotseling raak. Een edelhert kijkt ons aan. Daar is dus geen wildscherm voor nodig. Met een zwierige tred verdwijnt ze in het bos. Bijzonder, zo’n dier vlak bij de bebouwing. Want een kilometer verderop zijn we al bij het bezoekerscentrum met de watermolen. De havezathe, het meertje met stromend water en de fraai aangelegde tuin maken van deze kleine wandeling rondom de kleinste stad een groot avontuur.

Start- en eindpunt: Brasserie Staverden, Uddelermeerweg 2, Ermelo
Lengte: 3 kilometer
Route: Vanaf Brasserie Staverden starten drie gemarkeerde routes
Camping: Camping de Paalberg, Ermelo

2. SPEULDER- EN SPRIELDERBOS:
Spoken, heksen en kabouters

Het is nog ochtend in Drie. En het is sprookjesachtig, betoverend en rustgevend. Het zijn de toverwoorden als we het Speulder- en Sprielderbos bij de buurtschap in lopen. Op de oude lanen hebben eeuwenlang paarden met karren gereden, vol handelswaar. Koetsen met notabelen reden hier ook.

Het Koninklijk Huis heeft zelfs in de zestiende eeuw een laan aangelegd vanaf Het Loo in Apeldoorn, zodat ze snel op deze jachtvelden konden gaan schieten. En die laan gaat zelfs dwars door een grafheuvel, want de notabelen houden niet van omwegen. Maar nu is het stil. Lichtbundels zoeken een weg tussen de eeuwenoude bomen. Een gevecht tussen nacht en dag.

Over het spookachtige Speulder- en Sprielderbos gaan allerlei mythen en legenden in de rondte.

Dansende bomen

Het Speulder- en Sprielderbos op de Veluwe is meer dan 250 jaar oud. Een spookbos, met dansende bomen tussen de lichtbundels. Daarom wordt dit het dansende bos genoemd. Er zijn drie verhalen hierover. De eiken zouden kronkelend een weg naar het licht zoeken. Al eeuwenlang.

Of deze: wilde varkens en herten hebben jarenlang aan de stammen geknaagd, waardoor de bomen alle kanten op groeiden. En dan is er nummer drie, ook geloofwaardig. Eeuwenlang kapten de mensen uit de omringende dorpen Putten, Ermelo, Garderen en Speuld de mooiste, rechte bomen om huizen en stallen te bouwen. De kromste eiken en beuken lieten ze staan.

Met een beetje geluk kom je herten en zwijnen tegen op je wandeling.

Bezeten plek

We lopen en kijken rond. Er kan zomaar een edelhert of zwijn in beeld komen. Niet veel later komen we uit bij het Solse Gat. Vanaf een heuveltje kijk je de – volgens Nederlandse begrippen – diepte in. De tekenaar Rien Poortvliet vond hier inspiratie voor zijn kabouterboeken. Het verhaal gaat dat hier een klooster heeft gestaan, met bezeten monniken en gekke heksen die uitbundig feest vierden met drank en vuur.

Als straf voor dit zondig leven verzwolg de aarde deze bezeten plek. Dit gat herinnert hieraan. Meer geloofwaardig is dat hier een ijsklomp heeft gelegen in de ijstijd. Nadat deze was weggesmolten, haalden de boeren uit de regio de achtergebleven vruchtbare grond weg op deze plek. Door dat afgraven is hier een bijzondere vegetatie ontstaan. Sleutelbloem en bos- anemoon groeien hier.

Echt Veluws

Het pad dat we daarna volgen is echt Veluws. Heideveldjes, hoge lariksen en bijna onopvallende grafheuvels liggen op de route. Deze Oude Prinsenweg is vast en zeker de route geweest van de jachtlustige hoogheden. Verderop staan we langs de Dodenweg en staren door een kijkscherm. Helaas is er geen kip, laat staan een edelhert of everzwijn. Even later zijn we weer in Drie.

Start- en eindpunt: Restaurant Boshuis Drie, Sprielderweg 205 in Drie
Lengte: 11 kilometer
Route: Trage Tocht Drie
Camping: Camping Drie, Ermelo

3. WILDSAFARI: Tussen wisenten

Een wandeling langs het Kootwijkerzand op de Veluwe is prachtig. Een groot deel van de Veluwe was lang geleden een zandverstuiving zoals deze. Toch is hier in de buurt een nog veel spannender plek om te lopen. Tussen de wisenten. Bij Staverden zagen we een edelhert. Een wild zwijn was ook een kanshebber. Maar wanneer je echt met een sterk verhaal thuis wilt komen, ga dan eens op safari in het bos in deze buurt.

Wisenten kauwen dagelijks 40 kilo aan groen weg.

2 meter hoog, 900 kilo zwaar

Er lopen van die gigantische wisenten oftewel bizons rond. De stieren wegen 900 kilogram en komen bijna twee meter boven de bosgrond uit. Ook de vrouwen halen gemakkelijk 600 kilogram schoon aan de haak. Om op gewicht te blijven eten ze twijgen, schors, blaadjes en grassen. Zo’n 40 kilogram per dag, waarop ze urenlang staan te kauwen. Hardlopen kunnen ze ook ondanks hun gewicht.

Oppassen dus en niet te dicht bij ze in de buurt komen, waarschuwt Jan Ritzer al voordat het afgesloten terrein van 400 hectare wordt betreden. “Deze Europese bison is namelijk echt een wild dier. Heckrunderen en Schotse Hooglanders, dat is huisvee.” Hij is vandaag onze gids met duidelijke taal. Herten kunnen over het hek springen. De das en het zwijn kunnen er onderdoor.

Mensen mogen alleen onder begeleiding van een gids zoals hij in dit bosgebied komen. “Wees gewaarschuwd, ze zijn best sterk. Wisenten kunnen dwars door de hekken lopen”, zegt de gids.

Ogen en oren op scherp

We lopen het gebied in, met de ogen en oren op scherp. De wens om het wilde grote dier te spotten is groot. Ritzer is echter realistisch. Een bezoek aan dit gebied is geen zekerheid dat de kleine kudde gespot wordt. “Maar wanneer we er een gaan zien, dan zien we er vijf. Het is namelijk een kuddedier.”

Eerst lopen we over een breed en lang pad, daarna volgt een open vlakte met stukjes zandverstuiving. We stoppen. Want die kleine zandbakjes zijn het werk van de bizon. Ze liggen vaak te rollebollen waardoor er kale zanderige plekken ontstaan. Insecten en reptielen benutten deze door hen gecreëerde plekken om te zonnen en om eieren te leggen. Pioniersplanten zoals grasklokje en sint-janskruid gedijen goed in dit zand.

De mest is het voedsel voor tal van insecten. En ook de tred van het grote dier dwars door het bos vormt weer open ruimtes waardoor jonge vegetatie een kans krijgt. De gedreven gids benadrukt nogmaals hoe blij hij is met de terugkeer van het imposante dier dat we tot nu alleen nog maar op een plaatje hebben gezien.

Zo’n duizend jaar geleden namen we in het huidige Nederland afscheid van het dier. Het leefgebied van de wisent was groot en omvatte Noord-Spanje tot Zuid-Zweden en Zuid-Engeland in het westen tot de Kaukasus in het oosten. In de Belgische Ardennen leefden de wisenten nog tot de veertiende eeuw.

De laatste wilde exemplaren in Europa stierven in 1926 in de Kaukasus. De kudde hier op de Veluwe komt uit Polen en loopt hier sinds een aantal jaren. Een nieuwe stier is dit voorjaar afgeleverd.

Ven Gerritsflesh. Het gelijknamige gehucht op de Veluwe telt 29 inwoners van wie de meesten de achternaam Bos dragen en vrijwel allemaal aan elkaar verwant zijn.

Verse hoefafdrukken

Na een plukje bos en nog een zandvlakte bereiken we een plas water. Het is de drinkpoel die na de introductie door de mens is aangelegd. Kruip-door-sluip-door gaan we verder. Het prachtige Ven Gerritsflesch is te zien, achter een hek. Zo is het onbereikbaar voor het zware dier. De wisent zou door de leemlaag zakken waardoor het kwetsbare meer leeg zal lopen.

We gaan weer verder op zoek. Dwars door het bos over een smal en kronkelend paadje dat in het afgelopen jaar door de poten van de wisent is aangelegd. En wat zien we hier? Grote halfronde hoefafdrukken. Gids Ritzer is in zijn element. Want deze afdrukken in het zand zijn van de wisent en ze zijn vers. Had de mens een goede neus gekregen, dan zouden we nu op de geur verder kunnen gaan.

Ongemerkt gaan we sneller lopen. Even later maken we een denkbeeldige sprong in de Veluwse lucht. De vijf grote grazers staan op de heide. The big five op de Veluwe. Nog geen 100 meter voor ons, de stier kijkt ons recht aan met een doordringende blik. Voorzichtig mogen we ietsjes dichterbij komen. De haren op zijn kop hebben een hoog aaibaarheidsgehalte.

De bijbehorende hoorns en de waarschuwing van de gids houden ons tegen om dit uit te proberen. Terwijl de dieren verder gaan met hun dagelijkse maaltijd, vertelt Ritzer hoe mooi de ontmoeting altijd weer is. Langzaam lopen de dieren uit het beeld. Ze zijn weg, maar onze dag kan niet meer stuk.

Startpunt: Schaapskooi Hoog Buurlo, P-plaats Hoog Buurloseweg, Radio Kootwijk
Lengte: 12,5 kilometer
Route: Heidewandeling, wildsafari
Camping: Camping Zanderdennen, Kootwijk

Tekst en foto’s: Max de Krijger