ACSI FreeLife

Menu

Op excursie door het Katharenland

Maak jij wel eens een tussenstop in het Centraal Massief om daarna door te rijden naar een Franse camping aan de Middellandse Zee? Reserveer dan eens een aantal dagen voor het Franse Katharenland.

Auteur
MPS
Datum
ReactiesReageer

Op weg naar de Méditerranée kom je in deze regio verschillende ‘openluchtmusea’ tegen. We volgen het spoor dat leidt naar de departementen Tarn en Aude. Eens kijken wat er waar is van dat sprookje, dat gaat over een gebied waar talloze legendes zijn ontstaan.

Blauwe goud

We beginnen de Kartharentour in de Tarn, in Albi om precies te zijn. De inwoners van deze stad hadden in de vijftiende en zestiende eeuw weinig reden tot klagen. In de voormalige bisschopszetel aan de oever van de rivier de Tarne werd blauw pigment gewonnen. Pigment dat afkomstig was van de wedeplant, in het Frans beter bekend als pastel. Het wedeblauw werd in Europa gebruikt door de lakenindustrie en stond daarom ook wel bekend als het ‘blauwe goud’.

Dankzij dit blauwe goud ontstond in Albi een bijzonder beroep. In de hoogtijdagen van het blauwe goud was bierdrinker een gerespecteerd beroep. Het drinken zelf was slechts een middel. De bierdrinker werd betaald voor zijn restproduct. Zijn officiële titel was daarom pisseur. Je kunt wel raden wat dit betekent.

Met dank aan urine

De urine was nodig om de bolvormig gedroogde pigmentpasta houdbaar te maken voor het soms maandenlange transport naar ververijen. De kathedraal van Albi torent als bolwerk uit boven de rivier. Een bezoek laat op indrukwekkende wijze de vroegere rijkdom van de stad zien. De geschiedenis van Albi als vesting wordt benadrukt door de ronde torens met schietgaten in de zes meter dikke bakstenen muren. Binnen vind je prachtige muurschilderingen en bijzonder metselwerk.

Goede en slechte tijden lagen in Albi nooit ver uit elkaar. De stadsmuren wisten grote materiële schade, tijdens de vele oorlogen die het gebied teisterden, te beperken. Een donker hoofdstuk in de geschiedenis van de regio was de veldtocht tegen de katharen in de twaalfde eeuw, de zogenaamde kruistocht tegen de Albigenzen.

De katharen werden gezien als afvallige gelovigen die zichzelf wijdden aan de vroegchristelijke idealen van armoede en geheelonthouding. De naam van de geloofsstroming is vermoedelijk afgeleid van het woord ketter.

Roze knoflook

Vlakbij Albi ligt een andere betoverende bestemming, Cordes-sur-Ciel. Deze middeleeuwse idyllische stad is gebouwd op een steile helling. Ook niet te missen is Lautrec, een oud vestingstadje aan de voet van de Montagne Noire. Hier wordt nog steeds wedeblauw gewonnen. Bovendien is de plaats in het hele land bekend vanwege de lang houdbare roze knoflook.

Op een uur rijden naar het zuiden bereiken we de stad Mazamet. Hier krijg je in het museum Maison des Mémoires een volledig overzicht van de katharen.

Kastelen

Net als in Tarn zijn de katharen ook in het zuidoostelijke buurdepartement Aude een steeds terugkerend thema. Vervolgden zochten hun toevlucht in Châteaux de Lastours – een verzameling van vier kastelen die als orgelpijpen de rotswand sieren.

Het Château de Peyrepertuse ten noordwesten van Perpignan gold als een van de machtigste katharenburchten. Vanuit de vallei is het fort op achthonderd meter hoogte nauwelijks te zien. Het stenen pad vereist goed schoeisel en bij harde wind is voorzichtigheid geboden. Iets verderop ligt het Château de Quéribus. Dit was het laatste bastion van de katharen, dat in 1255 viel.

Vissersdorpje

De toren verrast met mooi vormgegeven wenteltrap. Van boven prijkt het uitzicht tot aan de Middellandse Zee. Een aanrader aan de kust is het vissersdorp Collioure, ten zuidoosten van Perpignan. De Franse schilder Henri Matisse raakte er ooit in vervoering toen hij er alle kleuren van de Middellandse Zee op in één beeld opving.

Als je in Aude mag bent, mag daarnaast een bezoek aan Carcassonne niet ontbreken. Deze stad is met 52 torens het symbool van de middeleeuwen.

Bron: MPS, tekst: Thomas Cernak