ACSI FreeLife

Menu

Camperen als je klein bent deel 1: ergernissen

Voor wie op zoek is naar een nieuw kampeermiddel is de vraag of-ie wel groot genoeg is vaak cruciaal. Maar waar loop je in een camper allemaal tegenaan als je juist klein kant bent? Mona Pekarek is 1,58 meter en maakt een proefrit met een camper. Onderweg deelt ze haar ergernissen en geeft ze tips voor kampeerders met korte benen.

Auteur
MPS
Datum
1
1
ReactiesPraat mee
camperen als je klein bent

10.02 uur: Start van de proefrit

Voor het instappen trek ik mijn broek nog maar eens op, de eerste stap gaat al flink de hoogte in. Dan plof ik neer op de bestuurdersstoel. Nerveus probeer ik allerlei hendels uit om bij het gaspedaal te kunnen komen. Plotseling kantelt de stoel naar achteren – dat was hem niet. Nu maar weer terug zien te komen… Ik verwacht naar voren gekatapulteerd te worden en zodoende ben ik voorbereid. Ik kiep met succes een stuk voorover richting stuur en voorruit.

Best handig, omdat de hendel die de hele stoel naar voren laat bewegen – die ken ik al heel goed – niet echt genoeg is om comfortabel bij het gaspedaal te komen. Mijn grote teen is goed getraind, maar toch. Met een gestrekte voet en zonder contact met de grond is het wat gevoelloos gassen. Dus gebruik ik die mooie kiephendel en draai de rugleuning iets achteruit. Nu zit ik in een positie die eerder grappig is dan prettig, maar wel direct bij het stuur. Oké, zo kan ik rijden. Ik duik nog even naar beneden om onderin de cabine de camper van de handrem te halen en start de motor.

10.58 uur: Mijn been valt in slaap

Ik heb koffie nodig. Of iets anders waardoor ik even uit de hete bestuurdersstoel kan opstaan. Dus laat ik me met de stoel mee naar achteren schuiven. Voor een soepele draaibeweging naar rechts trek ik aan weer een andere hendel, die ik eerder al per ongeluk ben tegengekomen. Ik maak van de rustpauze gebruik door een kleine rondgang door de camper te maken – even alles vastpakken en uitproberen.

11.15 uur: Koffietijd

Met gevulde thermobeker neem ik plaats in de zithoek. Ik leun achterover en schud teleurgesteld mijn hoofd: mijn voeten bungelen hulpeloos boven de vloer. De tijd die het duurt om de koffie op te drinken probeer ik te gebruiken om een comfortabele positie te vinden. Ik probeer de kleermakerszit, waarbij mijn enkelgewricht zeer doet. Laat ik mijn voeten hangen, dan doet mijn rug pijn. Leg ik mijn benen op de bank, dan trekt het in mijn knieholten. In mijn haast om snel van de zitgroep te kunnen opstaan giet ik mijn koffie naar binnen en verslik ik me. Proest.

11.28 uur: Het horizontale verhaal

Misschien is liggen beter dan zitten. Daarvoor moet ik het hefbed en een verhoogd achtergedeelte beklimmen. Dit laatste lukt door een trede in de garageafscheiding te gebruiken in combinatie met een waarschijnlijk niet erg sierlijke sprong. Ik land op mijn buik. Zouden gestrande potvissen zich zo voelen? Ruimte om te liggen vind ik natuurlijk in overvloed. Via de ladder kan ik comfortabel in het hefbed komen. Ook kan ik het weer met beide handen omhoogduwen door de verhoging van de zitgroep als opstap te gebruiken.

11.43 uur: Luchten noch zien

Dan probeer ik de boel door te luchten. In het midden zit een grote Heki. Op mijn tenen probeer ik de beugel vast te pakken. Ik moet tevreden zijn met een vluchtige aanraking. Dat was geen succes. Maar ik laat me niet kennen. Ik zet één been op de rand van de zitgroep en met een gewaagde greep houd ik me met één arm vast aan de hoofdsteun. Zo kom ik bij het mechanisme van het dakraam. Het gaat, maar alleen met de schoenen uit.

11.49 uur: Gesloten hemelpoort

Behoorlijk opgewarmd door mijn acrobatische strapatsen, kijk ik eens in de toiletruimte. Heel goed, in de spiegel zie ik zowaar mijn hele hoofd. Ik stap de douchecel in en merk op: daar in de camper waar luchten het belangrijkst is, lukt dit niet vanwege mijn kleine formaat. Een klein dakraam kijkt me van bovenaf aan en trekt onbereikbaar een lange neus. Zelfs met de grootste inspanning en ondanks het feit dat ik al mijn ledematen maximaal heb gestrekt, kom ik nog ruim tien centimeter te kort om het mechanisme aan te kunnen raken. Om van openen nog maar te zwijgen.

11.52 uur: Pizza, of toch niet

Dan maakt frustratie even plaats voor verrassing: deze camper heeft een mini-oven in de keuken. Hij heeft zelfs een instelling speciaal voor pizza – waanzinnig! Maar ook hier is de euforie snel bekoeld. De klep moet van boven naar beneden worden geopend en bevindt zich horizontaal. Hoe krijg ik hier ooit mijn pizza uitgehaald? Kansloos.

11.57 uur: Honger, snel terug

De gedachte aan Italiaanse lekkernijen drijft me snel terug achter het stuur. Dus nogmaals de hefboomprocedure, grote teen uitgestrekt en hup terug naar het startpunt. Ik verlaat het reuzenvoertuig. Met een grote sprong zeg ik de camper vaarwel en sluit de deur – niet zo zachtjes als dat misschien wel zou horen.

Bron: MPS, Tekst: Mona Pekarek